PFZW

IkZorg

‘We kunnen niet de hele wereld veranderen, al wil je dat nog zo graag’

In de zorgsector wemelt het van de diverse beroepen. Van huisartsen tot sportcoaches en psychiaters. Onder het mom van 'gluren bij de buren' zijn we benieuwd hoe het er bij iemand anders in de zorgsector aan toe gaat. Wat zijn de mooie en zware kanten van hun beroep? Ilona Simons stelt (33) zich voor, zij is gezinsmanager bij de jeugdbescherming regio Amsterdam.

Wat doet een gezinsmanager eigenlijk? 

'Ik werk met gezinnen die van de rechter een maatregel opgelegd hebben gekregen, omdat is gebleken dat gewone hulpverlening niet voldoende is om hun kinderen veilig te laten opgroeien. Denk aan uithuisplaatsing, een ondertoezichtstelling of een voogdijmaatregel, bijvoorbeeld als ouders niet meer in beeld zijn of geen beslissingen meer voor hun kinderen kunnen nemen. Er zijn zorgen over de veiligheid van een kind en de ouders móeten meewerken. In het begin vond ik dat best wel spannend, want veel ouders zitten eigenlijk niet te wachten op jouw hulp. Verder help ik ook jongeren die zware delicten plegen en met justitie in aanraking komen. Daarvoor kom ik veel bij de gezinnen thuis en bezoek ik ook regelmatig woongroepen en pleeggezinnen, of de jeugdgevangenis. Verder zit ik ook vaak in de rechtbank om te vertellen hoe de maatregelen verlopen en vragen we een maatregel te verlengen of juist af te ronden.'

Hoe ziet je werk eruit? 

'Mijn werk is nooit hetzelfde. Bij een nieuw gezin ga ik regelmatig op huisbezoek, dan zit ik twee keer per week bij dit gezin thuis. Ik begeleid in totaal tien gezinnen. We proberen vanaf de start samen een plan te maken. We maken meteen duidelijke afspraken over de grootste problemen en zetten daar ook hulp op in. Die hulp kan vervolgens een aantal maanden lopen, maar ook een paar jaar.   

Soms merken we dat het, ondanks hulpverlening, niet beter gaat. Of we zien dat de problemen van de ouders te veel in de weg staan om goed voor de kinderen te zorgen. Dan gaan we terug naar de rechtbank. Dat kan betekenen dat we een andere plek voor de kinderen zoeken. Bij opa of oma, of bij vrienden bijvoorbeeld. Als dat niet kan, dan zoeken naar een pleeggezin.   

Eigenlijk is een uithuisplaatsing nooit wat je wil, maar soms wel de minst schadelijke of de veiligste oplossing voor het kind. Dit is in eerste instantie altijd tijdelijk, om te kijken of er door de afstand meer rust is om aan de problemen te werken. En soms merk je dat het dan nog steeds niet lukt. Soms lukt het ouders écht niet om te veranderen, willen ze niet dat de kinderen terugkomen of zitten ze bijvoorbeeld in de gevangenis... Dan zoeken we naar een andere oplossing en blijven we langdurig betrokken.'

Je pensioen gaat omhoog!

PFZW verhoogt in 2023 nog een keer de pensioenen, hoe zit dat precies?

Lees meer

Hoe zorg je dat je je werk niet mee naar huis neemt? 

'Dat blijft lastig. Het werk is intens en veel mensen in de jeugdbescherming hebben een groot verantwoordelijkheidsgevoel, je wil het zo goed mogelijk doen. Dus er zijn echt wel situaties die je mee naar huis neemt, dat is menselijk. Het lukt mij inmiddels om dat niet té vaak te doen. Ik vind daar wel een balans in, door bijvoorbeeld dingen die ik meemaak met mijn team te delen.  

Laatst was er een jongen weggelopen. Ik maakte me zorgen over hem. Hij wilde met niemand meer contact, behalve met mij. Dus als ik belde nam hij wel op, maar voor de rest was hij van de radar verdwenen. En ik weet dat hij ook sombere gedachten heeft, dat het niet zo goed met hem ging, dat hij zich afgewezen voelde. Ik probeerde wel een berichtje extra te sturen of 's avonds nog even contact te hebben. Zodat ik even weet dat het goed met hem gaat. Maar echt wakker liggen doe ik meestal niet. Want je moet ook accepteren dat je dingen niet altijd kan veranderen en dat dingen gaan zoals ze gaan. Wij zijn tijdelijk in het leven van deze kinderen en wij kunnen ons beste beentje voorzetten, maar we kunnen niet de hele wereld veranderen, al wil je dat nog zo graag.' 

'We kunnen niet de hele wereld veranderen, al wil je dat nog zo graag'

Wat vind je zwaar? 

'Dat je gezinnen hulpverlening gunt, maar dat die nog niet kan starten door wachtlijsten. Dat vind ik heel ingewikkeld, ook om die boodschap over te brengen. Want logischerwijs komt er dan natuurlijk opnieuw weerstand en het gevoel dat ze niet geholpen kunnen worden. En dat is heel frustrerend, zowel voor gezinnen, als voor ons.   

Er zijn ook gezinnen waarbij je ziet dat het slecht blijft gaan met ouders. Ik heb bijvoorbeeld nu een moeder die recent een zelfmoordpoging heeft gedaan. Ze heeft twee kinderen, die verblijven nu tijdelijk in een pleeggezin. Dat heb ik samen met de moeder overlegd, zij gaf zelf ook aan dat het haar nu niet lukt om voor de kinderen te zorgen. Ze wil écht wel veranderen, maar mede door de wachtlijst van zes maanden bij de GGZ voor volwassenen schiet het niet op. Dat blijft lastig. Je wil mensen zo graag helpen!'

Wat maakt jouw werk mooi? 

'Gezinnen komen bij ons binnen met veel boosheid of verdriet. Dan is het mooi als je na een aantal gesprekken toch samen stappen kunt zetten en de weerstand wegvalt. We komen natuurlijk aan het meest kwetsbare stukje van ouders, hun kinderen. Ik vind het dus heel logisch dat er weerstand is. Maar wanneer je daar doorheen breekt, en mensen durven zich ook kwetsbaar op te stellen, dat zijn echt de mooiste momenten. Alle ouders willen het beste voor hun kind. In iedere situatie is het uiteindelijk wel mogelijk om samen met de ouders te kijken naar wat is er nodig is en hoe we komen tot hetzelfde einddoel. Namelijk dat het met jouw kind weer goed gaat.'